Akkers en velden van bovenaf

Minister Jaimi van Essen veegt stikstofplan van boeren van tafel: ´We hebben niets bereikt´

Landbouwminister Jaimi van Essen (D66) ziet niets in het alternatieve stikstofplan van de Landbouwalliantie. Dat heeft hij het samenwerkingsverband donderdag laten weten tijdens een gesprek. De minister houdt vast aan het maatregelenpakket dat hij voor de zomer presenteerde. Bij de betrokken boerenorganisaties is de teleurstelling groot.

De afwijzing roept nieuwe vragen op over de samenwerking tussen het kabinet en de landbouwsector. Begin volgende week beslist de Landbouwalliantie over vervolgstappen. Op 30 oktober volgt een nieuwe Kamerbrief van Van Essen. Ook LTO wacht daarop en wil dat de minister negen aanpassingen in zijn plannen verwerkt. Als de grootste landbouworganisatie afhaakt, kan de positie van het kabinet verder onder druk komen te staan.

Zes organisaties vormen de Landbouwalliantie

De Landbouwalliantie is een samenwerkingsverband van zes organisaties: Agractie, de Nederlandse Melkveehouders Vakbond, de Dutch Dairymen Board, de Nederlandse Vakbond Pluimveehouders, Boeren met Toekomst en Vee & Logistiek Nederland. De organisaties bundelden hun krachten en presenteerden op 13 oktober een eigen voorstel voor de aanpak van het stikstofprobleem.

Het gesprek met de minister leverde volgens de alliantie weinig op. ´We hebben gisteren niets bereikt´, liet een woordvoerder weten. Van Essen maakte duidelijk dat hij voorlopig niet van koers verandert. ´Het maatregelenpakket zoals we voor de zomer hebben gepresenteerd is en blijft de basis´, verklaarde de minister.

Waarom Nederland volgens de alliantie te streng is

Een belangrijk onderdeel van het alternatieve plan is de manier waarop Nederland de gevolgen van stikstofuitstoot berekent. In Nederland wordt een rekenkundige ondergrens van 0,005 mol stikstof per hectare per jaar gehanteerd. Volgens de Landbouwalliantie ligt die grens zo laag dat ook projecten met een zeer beperkte berekende bijdrage met vergunningproblemen te maken kunnen krijgen.

Lees ook:  Van Weel wil haast met terreurwet na pro Hamas protest: ´Dit moet veranderen´

De alliantie wijst op Duitsland, waar volgens het voorstel een grens van 21 mol geldt, naast een drempel van 3 procent van de kritische depositiewaarde. Het collectief wil dat Nederland een vergelijkbare benadering invoert. Daardoor zouden boeren, bouwbedrijven en andere ondernemingen volgens de organisaties weer gemakkelijker vergunningen kunnen aanvragen. Van Essen heeft dat voorstel niet overgenomen.

Metingen in de natuur moeten zwaarder wegen

De Landbouwalliantie wil daarnaast dat de natuurdoelanalyses op een andere manier worden uitgevoerd. In plaats van vooral op rekenmodellen van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) te vertrouwen, moeten metingen in het veld een grotere rol krijgen.

Volgens het collectief kunnen ook factoren als de waterkwaliteit, verdroging en invasieve soorten een belangrijke rol spelen bij de achteruitgang van natuurgebieden. Stikstofspecialist Jan Venneman, verbonden aan de alliantie, erkent dat stikstof een factor is. ´Maar dat is geen reden om de veehouderij het land uit te regelen´, stelde hij eerder. De organisaties willen daarmee niet ontkennen dat stikstof invloed heeft op de natuur, maar pleiten voor een andere beoordeling van de oorzaken en oplossingen.

Strengere regels binnen 250 meter van natuur

In het alternatieve plan stelt de alliantie voor om rond kwetsbare natuurgebieden stroken van 250 meter aan te wijzen. Binnen die zones zouden strengere regels voor uitstoot gelden. Buiten de stroken zou volgens het voorstel een reguliere omgevingsvergunning voldoende moeten zijn.

De organisaties wijzen ook bedrijfsspecifieke normen en verplichte doelsturing af. Ze zien wel mogelijkheden in subsidies voor innovatie, maar willen voorkomen dat boeren onder dwang hun uitstoot moeten terugdringen. Het uitgangspunt is dat ondernemers zelf met vernieuwende oplossingen aan de slag kunnen. Dat verschilt duidelijk van de aanpak die het kabinet voor ogen heeft.

Lees ook:  Rob Jetten spreekt wereldleiders toe over discriminatie: 'Uitdagingen in alle werelddelen'

Het kabinet wil ammoniakuitstoot fors verminderen

Het maatregelenpakket van Van Essen bevat concrete doelen voor de landbouw. Volgens de Kamerbrief van 26 juni moet de sector de uitstoot van ammoniak tegen 2035 met 42 tot 46 procent verminderen ten opzichte van 2019.

Rond ongeveer honderd stikstofgevoelige natuurgebieden wil het kabinet zones van 500 tot 1.000 meter invoeren. Boeren in die gebieden moeten extra maatregelen nemen. Voor melkveehouders komt er daarnaast een grondgebondenheidsnorm van 2,6 grootvee eenheden per hectare.

Voor vrijwillige uitkoop is 2,75 miljard euro beschikbaar. Als laatste redmiddel noemt het kabinet voor 2035 een mogelijke korting op productierechten. Het totale stikstofpakket omvat ongeveer twintig miljard euro. De minister houdt vol dat een algemene krimp van de veestapel daarmee niet noodzakelijk is.

Boeren vrezen toch een kleinere veestapel

De Landbouwalliantie betwijfelt dat het kabinetsbeleid zonder een forse krimp van de veestapel kan worden uitgevoerd. Volgens het collectief zullen de maatregelen in de praktijk wel degelijk tot een aanzienlijke vermindering van het aantal dieren leiden.

´De huidige plannen gaan leiden tot een enorme krimp van de veestapel´, stelt Van Maanen van de alliantie. De gevolgen zouden volgens de organisaties verder reiken dan de boerenbedrijven zelf. Ook toeleveranciers, voedselverwerkers en andere dienstverleners kunnen worden geraakt. De alliantie vreest bovendien voor de leefbaarheid van het platteland en de Nederlandse voedselproductie.

PBL ziet kansen, maar waarschuwt voor gevolgen

Het Planbureau voor de Leefomgeving concludeerde eerder dat het kabinet zijn stikstofdoelstellingen kan halen. Daarvoor moeten wel alle aangekondigde maatregelen worden uitgevoerd en moet het beschikbare geld volledig worden besteed. Het resultaat hangt dus sterk af van de uitvoering van het beleid.

Lees ook:  Links sloopt klimaatbeleid kabinet na hete zomer: ´Nú is het moment´

Het PBL waarschuwde tegelijkertijd dat de maatregelen het verdienvermogen van familiebedrijven onder druk kunnen zetten. Die kanttekening sluit aan bij de zorgen van de Landbouwalliantie over de gevolgen voor boeren en het platteland. Het rapport laat daarmee zowel zien dat de doelen volgens het planbureau haalbaar kunnen zijn als dat de uitvoering ingrijpende gevolgen kan hebben voor agrarische ondernemingen.

LTO wacht op de Kamerbrief van 30 oktober

De Landbouwalliantie beslist begin volgende week hoe ze verdergaat. Het volgende belangrijke moment is 30 oktober, wanneer Van Essen een nieuwe Kamerbrief naar de Tweede Kamer stuurt. Dan moet duidelijk worden of de minister bereid is zijn plannen aan te passen of opnieuw vasthoudt aan de eerder aangekondigde koers.

Ook LTO volgt de ontwikkelingen nauwlettend. De grootste landbouworganisatie voert samen met jongerenorganisatie NAJK nog gesprekken met de minister, maar wil negen aanpassingen in het pakket terugzien. ´Die punten willen we goed uitgewerkt terugzien in de Kamerbrief van 30 oktober. Punt´, zei LTO voorman Ger Koopmans vorige week.

Of LTO aan tafel blijft zitten, kan daarmee een belangrijke rol gaan spelen in het verdere verloop van de stikstofaanpak. Als ook deze organisatie de samenwerking beëindigt, wordt het voor Van Essen moeilijker om op steun vanuit de landbouwsector te rekenen. Voorlopig wacht de sector op de nieuwe Kamerbrief, terwijl de Landbouwalliantie zich beraadt op de volgende stap.

Bronnen en credits

Wat vind jij van dit artikel?

0 reacties · 0 keer gedeeld

Laatste video's