De Surinaamse organisatie Afrikan Kulturu fu Sranan (NAKS) wil dat er in Suriname een brede discussie komt over koloniale symbolen in het straatbeeld. Voorzitter Siegmien Staphorst zegt dat nu duidelijk is welke rol het Huis Oranje-Nassau in de koloniale geschiedenis heeft gespeeld. Koning Willem-Alexander nam vrijdag de vijf omvangrijke boeken met de onderzoeksresultaten in ontvangst. Staphorst vindt dat die kennis ook in Suriname zelf besproken moet worden, bij straatnamen en bij het standbeeld van koningin Wilhelmina in Paramaribo.

Vijf boeken over vier eeuwen koloniale geschiedenis
Het onderzoek onder leiding van historicus Gert Oostindie behandelt de rol van het Huis Oranje-Nassau in de koloniale geschiedenis van Nederland vanaf 1600. Koning Willem-Alexander gaf eind 2022 zelf opdracht tot het onderzoek en bekostigde het ook. Ongeveer zestig onderzoekers werkten eraan mee. De resultaten zijn gebundeld in vijf boeken.
Een van de boeken richt zich op koloniale macht, profijt en prestige. Daarnaast verscheen een biografisch onderzoek naar de Oranjes, een internationaal vergelijkend boek over Europese vorstenhuizen en een boek voor het brede publiek: ‘Oranje en de Koloniën, 1600-2025. De koloniale geschiedenis van het Huis Oranje-Nassau’. Van dat laatste boek komt tegelijk een Engelstalige versie uit.
Onafhankelijk onderzoek met open archieven
Het Koninklijk Huis bemoeide zich niet inhoudelijk met de opzet, de uitvoering of de conclusies. De onderzoekers kregen toegang tot de particuliere archieven van het Koninklijk Huis, die worden beheerd door de Koninklijke Verzamelingen. Oostindie noemde de afstand tussen koning en onderzoekers volgens de NOS volstrekt helder: er waren geen tussentijdse contacten, alleen een presentatie aan het einde.

De commissie bestond naast Oostindie uit Esther Captain, Kathleen Ferrier en Henk te Velde. Ferrier is deskundige op het gebied van internationale betrekkingen en mensenrechten, en dochter van Johan Ferrier, de eerste president van Suriname. Daarmee was ook Surinaamse betrokkenheid in de begeleiding van het onderzoek aanwezig.
Straten vernoemd naar koningen en gouverneurs
Volgens Staphorst is het koloniale verleden in Suriname ‘erg zichtbaar’. Straten en geografische locaties dragen er de namen van voormalige koningen, koninginnen, gouverneurs en andere koloniale exponenten. Aan de Waterkant in Paramaribo kijkt het beeld van koningin Wilhelmina nog altijd uit over de brede Surinamerivier.
‘Ik denk dat er een brede discussie daarover moet komen’, zegt Staphorst. ‘Het zijn eigenlijk symbolen van het slavernijverleden en van de onderdrukking, eigenlijk van de uitbuiting.’ Zij benadrukt wel dat de meningen over deze symbolen in de Surinaamse samenleving uiteenlopen. ‘De meningen in de samenleving zijn erg verdeeld hierover.’
Eerst informeren, dan discussiëren
Staphorst wil dat er eerst een proces op gang komt om Surinamers te informeren. ‘Nu we deze onderzoeksresultaten hebben, kunnen we informatie verstrekken over de rol van het Koninklijk Huis’, zegt zij tegen het ANP. Dat geldt volgens haar ook voor andere koloniale heersers die schade hebben berokkend aan de Surinamers.

Zij verwacht dat het onderzoek wordt aangeboden aan de Surinaamse regering en aan maatschappelijke organisaties. Dat moet de basis vormen voor de informatievoorziening aan de bevolking. Staphorst noemt het onderzoek zelf voor de koning vooral een bevestiging. Hij heeft volgens haar nu meer data waarop hij zich kan baseren.
Eigen wetenschappelijk onderzoek naar achterstanden
NAKS laat het niet bij symbolen. De organisatie werkt met 21 andere organisaties aan een ontwikkelingsprogramma voor nazaten van het slavernijverleden, op basis van wetenschappelijk onderzoek. ‘Wij roepen niet dat er een herstelprogramma moet komen zonder onderbouwing’, zegt Staphorst.
De samenwerkende Afro-Surinaamse organisaties laten zelf onderzoek doen naar de gebieden waarop achterstanden zijn ontstaan die het maatschappelijk functioneren van nazaten negatief beïnvloeden. ‘Het gaat om zaken als gezondheid, onderwijs, huisvesting, grondzaken, dus naast cultuur, et cetera. En om grondenrechten.’ Het onderzoek van Oostindie wordt volgens Staphorst zeker meegenomen.

Excuses en vergiffenis als uitgangspunt
Staphorst wijst op eerdere stappen van de koning. In december 2025 bood hij in Paramaribo excuses aan voor het slavernijverleden. ‘Hij heeft ook vergiffenis gevraagd en gekregen van ons’, zegt de NAKS-voorzitter. ‘Nu gaat hij concrete stappen moeten zetten.’ Welke stappen dat precies zijn, is niet toegelicht; de organisatie verwijst naar haar eigen programma en de discussie over symbolen.
Reactie vanuit Nederland
Ook in Nederland wordt gekeken naar wat er na het onderzoek volgt. Bianca Groen Gallant, directeur van het Nationaal Instituut Nederlands slavernijverleden en erfenis (NiNsee), was bij de presentatie aanwezig. Zij waardeert dat de koning het onderzoek onafhankelijk liet uitvoeren en daarvoor de koninklijke archieven openstelde.
Volgens Groen Gallant kan na de presentatie een begin worden gemaakt met reparatory justice, herstel en rechtvaardigheid. Herstel begint met waarheidsvinding, zegt zij, maar moet leiden tot gelijke kansen in onderwijs en economie. Het NiNsee hoopt dat de koning het voortouw neemt in de gesprekken die daarvoor nodig zijn.

De koning heeft nog geen concrete stappen aangekondigd. Het onderzoek is aangeboden en de discussie over wat ermee gebeurt, in Nederland en in Suriname, moet nog beginnen.
Bronnen en credits
Bronnen: Nieuws.nl, RTL Nieuws, Vandaag Inside, eenvandaag.avrotros.nl, nos.nl, dwtonline.com
Foto: Gebouwen aan het Onafhankelijkheidsplein in Paramaribo — Maarten van der Bent (bron), CC BY-SA 2.0
Foto: Het Onafhankelijkheidsplein in Paramaribo met het presidentieel paleis — Maarten van der Bent (bron), CC BY-SA 2.0
Foto: Koning Willem-Alexander, koningin Máxima en prinses Amalia op een rode loper — Chambre des Députés (bron), CC BY 4.0








